“Ik persoonlijk vind het geen probleem als iemand een keer huilend naar huis rijdt omdat hij te hard heeft gewerkt.”

Mijn eerste gedachte toen ik dit op de radio hoorde?
What?! Echt?

De opmerking kwam na een telefoongesprek met iemand die online werkt vanuit de mooiste, tropische oorden. Wat volgde was een tirade van de radiohost. Over zijn allergie voor mensen die ‘vier dagen willen werken voor het salaris van vijf’. Die vanaf exotische plekken hun werk doen. Die het zichzelf, volgens hem, te makkelijk maken. Die een leven bouwen waarin werk er gewoon bij hoort, maar zeker niet het middelpunt is.

Liever, zo vond hij, de hardwerkende Nederlander. Die ’s avonds terugrijdt naar kantoor omdat hij iets vergeten is. Die piekert over hoe het morgen nóg beter kan. Die zó hard werkt dat huilend naar huis rijden gewoon ‘part of the job’ is.

En ja, los van de discussie over personeelstekorten of het tekort aan ‘werkende handjes’, waar hij ook op doelde, bleef ik ergens toch haken. Want dit roept iets groters op.

Wat ik de afgelopen jaren heb geleerd, is dat je inderdaad keihard kunt werken. Tot je op een dag omvalt. Dat je zó gemotiveerd kunt zijn, dat je maar door en door blijft gaan. Omdat je je werk leuk vindt. Omdat je ergens voor gáát. Omdat je denkt: het hoort er nou eenmaal bij.

Maar…
Mag succes ook makkelijk zijn?

Makkelijk, in de zin van: licht. Dat je doet wat je goed kunt. Waar je blij van wordt. Dat je niet uren hoeft te maken om ‘genoeg’ te verdienen. Dat je met minder tijd, meer resultaat haalt. Het Pareto-principe in actie: 80% van je winst uit 20% van je inzet.

Mag je genieten van je werk? Mag het voldoening geven?
Zonder dat je je grenzen ver voorbij gaat. Zonder dat je op de bank eindigt, leeg, gefrustreerd of in tranen.

Als kind uit een ondernemersgezin is deze vraag voor mij zó herkenbaar. De overtuiging zat diep: succes = hard werken. Punt.
Generaties lang werd dat doorgegeven. Vanuit tijden waarin werk letterlijk overleven betekende. Waar brood op de plank en een dak boven je hoofd de enige prioriteiten waren.

Maar we leven nu in een andere tijd. Voor velen (niet voor iedereen) zijn die basisbehoeften een stuk vanzelfsprekender geworden.
En dus mogen we onszelf die vraag opnieuw stellen:

Hoe ver wil ik gaan?
Hoe groot moet dat dak eigenlijk zijn?
Hoe luxe moet het brood op mijn plank zijn?

Mag het ook wat eenvoudiger?
Mag succes ook in balans zijn? In rust? In plezier?

Of geloof je, net als de radiopresentator, dat alleen afzien loont?
Dat het leven op een tropisch eiland te makkelijk is om verdiend te zijn? Dat het alleen bestaat op de mooie instagram plaatjes? En niet voor jou is weggelegd?

Want weet je?
Achter elke irritatie zit een onvervuld verlangen.
En dát… geeft te denken.

Misschien is het tijd om deze overtuiging los te laten. De gedachte dat succes alleen telt als je ervoor moet zwoegen. Dat je tekortschiet als je niet altijd doorgaat. Als je niet productief bent op het moment dat je kinderen op school zitten.

Die overtuiging houdt je in een kramp. Hij haalt je weg bij jezelf. Hij trekt je uit je eigen ritme.

En vooral:
Hij haalt je weg bij je intuïtieve kracht.

Want daar, in die intuïtieve stroom, daar zit je werkelijke wijsheid.

Je creativiteit. Je onderscheidend vermogen. Je rust.
En misschien ook wel… jouw échte succes.

Dit artikel is onderdeel van een serie: Kracht InZicht is… Hierin geef ik je een kijkje in mijn dagelijkse leven en mijn kijk op Kracht InZicht. 

Intuïtief Geschreven

Kracht InZicht in de praktijk

  • Volume 1: Leer luisteren naar je intuïtie

Volg je innerlijke stem,

je intuïtie weet de weg!